Primož Roglič is Europees kampioen tijdrijden. De Sloveen heeft in eigen land voor een prachtige afsluiting van het EK gezorgd door de snelste tijd neer te zetten op het parcours in en rond Šenčur. Roglič maakte vooral op de lastige beklimming naar Možjanca het verschil en wist zijn voorsprong in het tweede deel van de tijdrit vast te houden. Bruno Armirail pakte het zilver, terwijl de jonge Fransman Maxime Decomble verrassend derde werd.
De mannen kregen een tijdrit van 22,1 kilometer voorgeschoteld. Het parcours was kort, maar zeker niet eenvoudig. Na de eerste relatief vlakke kilometers volgde de beklimming van de Možjanca, waarna de renners nog een glooiend gedeelte en een technische afdaling richting de finish voor de kiezen kregen. Vooral de klim zou een belangrijke rol spelen in de strijd om de Europese titel.
De afwezigheid van titelverdediger Remco Evenepoel zorgde ervoor dat er vooraf meerdere kanshebbers waren. Ook Filippo Ganna en Tadej Pogačar ontbraken, waardoor onder anderen Stefan Küng, Bruno Armirail en Primož Roglič naar voren werden geschoven als favorieten. Voor Roglič was er bovendien de extra motivatie om voor eigen publiek te kunnen rijden.
In het eerste deel van de tijdrit werden de verschillen nog klein gehouden. Verschillende renners kwamen dicht bij de snelste tijd, maar niemand wist echt afstand te nemen van de concurrentie. Maxime Decomble zette een sterke tijd neer en bleef lange tijd bovenaan staan. Ook Armirail liet zich nadrukkelijk zien en nam de leiding over.
Toen Roglič aan zijn tijdrit begon, werd al snel duidelijk dat de Sloveen goed onderweg was. Hij ging bijzonder snel van start en wist vooral op de klim naar Možjanca een flinke voorsprong op te bouwen. Waar verschillende concurrenten daar kostbare seconden verloren, bleef Roglič zijn tempo vasthouden.
Bij het eerste tussenpunt had Roglič al een voorsprong van ongeveer dertien seconden op Armirail. Decomble volgde op iets meer dan vijftien seconden, terwijl ook Stefan Küng en Jakob Söderqvist terrein moesten prijsgeven.
Roglič had daarmee zijn grootste slag geslagen op het zwaarste gedeelte van het parcours. De Sloveen klom met een hoog tempo naar boven en liet zien dat deze tijdrit hem uitstekend lag. Voor de pure tijdritspecialisten was het vervolgens zaak om in het tweede deel zoveel mogelijk tijd terug te pakken.
Dat lukte Armirail behoorlijk goed. De Fransman reed een sterke afdaling en wist daarna ook op het glooiende gedeelte flink wat terrein terug te winnen. Bij het tweede tussenpunt was de voorsprong van Roglič geslonken tot ongeveer negen seconden. Daarmee kwam de spanning in de strijd om de Europese titel weer helemaal terug.
Achter de twee leiders bleef Decomble ondertussen uitstekend rijden. De jonge Fransman had eerder al een sterke tijd neergezet en hield zich verrassend goed staande tussen de gevestigde namen. Ook Ilan Van Wilder reed een sterke tweede helft en mengde zich in de strijd om de podiumplaatsen.
Voor Küng verliep de tijdrit ondertussen minder goed dan gehoopt. De Zwitser verloor op de beklimming te veel tijd op de beste klimmers en kon dat verschil in het tweede deel niet volledig meer goedmaken. Zijn sterke vorm in de tijdritten van de afgelopen periode was daardoor niet genoeg om hier voor de Europese titel mee te doen.
Vooraan bleef Armirail hopen op een spannende ontknoping. De Fransman had alles gegeven en wist dat Roglič in de laatste kilometers nog een stevig tempo moest blijven rijden. De voorsprong van de Sloveen was immers flink kleiner geworden.
Roglič liet zich echter niet van de wijs brengen. Hij bleef zijn tempo vasthouden en wist in de laatste kilometers weer wat tijd terug te pakken. Armirail kwam daardoor niet meer dichtbij genoeg om het echt spannend te maken.
Met een tijd van 28 minuten en 16 seconden kwam Roglič over de finish. Armirail was ruim zeven seconden langzamer en moest genoegen nemen met het zilver. Decomble hield uiteindelijk bijna een halve minuut over en mocht als derde het podium op.
Daarmee zorgde Roglič voor een prachtig Sloveens slot van het EK. Voor eigen publiek pakte de 36-jarige renner zijn eerste Europese titel tijdrijden. Nadat hij op de Možjanca het verschil had gemaakt, wist hij zijn voorsprong in het tweede deel van de tijdrit met succes te verdedigen.
Voor Nederland kwam alleen Sjoerd Bax aan de start. Bax reed een degelijke tijdrit, maar kon zich niet mengen in de strijd om de medailles. Hij eindigde uiteindelijk als 23ste.
Voor Roglič was het een overwinning die extra veel betekende. De Sloveen reed voor eigen publiek, op wegen die hij goed kent, en mocht na afloop voor het eerst de Europese kampioenstrui aantrekken.
Het EK in Slovenië kreeg daarmee een passende afsluiting. Na de Europese titels op de weg en de tijdrit voor vrouwen was het Roglič die voor het thuisland het laatste goud pakte. De Sloveen maakte op de zwaarste klim het verschil en hield vervolgens stand tot aan de finish.
